Dagelijks archief: oktober 11, 2011

Autumn sky…

Aan het eind van een dag schilderen, nog even met de honden de herfstschemering in, een geheimzinnig landschap vol goud, rood en oker onder een diepblauwe hemel.
Bij het water gekomen begint de avond te toveren, een zonsondergang zoals ik zelden of nooit eerder heb gezien. Een schilderij zo groot als de hemel…

Advertenties

Panta Rhei

Panta Rhei, 1986, olieverf op doek, 125 x 150 cm

Het werk van kunstschilder Eugène Brands, die zichzelf omschreef als principiëel autodidact, bewonder ik zeer en is een grote inspiratiebron voor mij geweest. Vaak wordt Eugène Brands in één adem met de CoBrA-beweging genoemd. Toch behoorde hij maar heel kort tot deze beweging. Na de roemruchte gezamenlijke tentoonstelling in het Stedelijk Museum te Amsterdam, in november 1949, nam hij reeds afscheid van CoBrA. Met zijn zeer persoonlijke opvattingen over de schilderkunst was Eugène Brands veel meer een solist.

Na het CoBrA-avontuur trok zich terug in z’n atelier en experimenteerde er lustig op los. In de jaren zestig verruilde Brands langzamerhand de figuratie weer voor abstractie. Daarin bereikt hij z’n volle vorm en schildert talloze lyrisch abstracte doeken vol licht, ruimte en beweging.
De term Panta Rhei (alles stroomt) keert veelvuldig terug als titel in z’n oeuvre.

Verandering als enige constante in het almaar voortdenderend bestaan komen we al tegen bij de Griekse wijsgeer en kluizenaar Heraclitus zo’n vijf eeuwen voor Christus. Heraclitus’ gedachte dat alles altijd verandert formuleerde hij met de woorden “panta rhei” (alles stroomt). Later voegde men er “kai ouden menei” (en niets blijft) aan toe, maar dit laatste komt niet van Heraclitus. Ook het scherpzinnig inzicht dat “men niet tweemaal in dezelfde rivier kan stappen (want inmiddels zijn er nieuwe wateren toegevloeid) “, blijkt niet, zoals ik steeds dacht, van hem te komen maar van zijn leerling Cratylus.
Wel wordt de uitspraak “Ezels verkiezen kaf boven goud” eenstemmig aan hem toegeschreven doch dit terzijde.

Brands zelf zei het zo: “Ik maak geen schilderij, ik geef het slechts de gelegenheid te ontstaan. Bij mij is het schilderen een proces van toezien op wat er zo onbewust mogelijk op het canvas of papier gebeurt, vormen en kleuren die tijdens het schilderen ontstaan, accentueren of juist afzwakken, een voortdurende wijziging, beweging, verandering. Het is inderdaad inherent aan het “panta rhei” van de oude Grieken.